Deze pagina beschrijft Fotusa zoals hij nu werkt. Hij is geschreven voor iemand die al jaren een collectie beheert, dus er staat niet in hoe je op een map klikt. Wél in wat de app met je bestanden doet, waar je werk terechtkomt, en wat je kunt verwachten als je collectie groot is.
Waar je werk staat
Dit is de vraag die er het meest toe doet, dus hij staat bovenaan: wat ben je kwijt als dit programma ophoudt te bestaan?
Je foto’s blijven waar ze staan. Fotusa kopieert niets naar een eigen opslag en verplaatst niets uit zichzelf. Wat je ziet is je eigen mappenstructuur. De bibliotheek is een index, geen bewaarplaats.
Wat je zelf invoert — namen, albums, bijschriften, locaties — staat naast de foto’s, per map, in een verborgen map:
.Fotusa - reservekopie van je werk\jouw werk in fotusa.json
Eén map met foto’s is daarmee op zichzelf genoeg om te weten wie erop staat. Er is geen centrale lijst waar een verwijzing naartoe wijst — precies wat mensen hun namen kostte zodra de database van hun oude fotobeheerder wegviel.
In diezelfde map staat meer dan namen alleen: ook wat je al van je telefoon of camera hebt opgehaald, want ook dat is werk dat nergens anders bestaat. De bestanden heten namen bij gezichten.json, al opgehaald van je apparaten.json en NIET WEGGOOIEN - hierin staat je werk in Fotusa.txt — de waarschuwing staat in de naam, want een leesmij-bestand wordt zelden geopend. Ze staan bovendien op alleen-lezen, zodat Windows eerst vraagt of je het zeker weet.
Namen staan ook in de foto zelf, als XMP, zodra je ze bevestigt. Ze reizen mee naar elk ander programma dat metadata leest.
De index, de miniaturen en de zoekvectoren staan apart, en die zijn vervangbaar:
%LOCALAPPDATA%\Fotusa
Die map mag je weggooien. Dat kost rekentijd en geen informatie: hij wordt opnieuw opgebouwd uit je foto’s en je werkbestanden. De andere drie lagen zijn dat niet — gooi je de reservekopie-mappen weg, dan is het werk weg dat je zelf invoerde.
Wat de app aan je bestanden verandert
Alles wat bestanden raakt vraagt eerst, met het aantal erin. De app gooit uit zichzelf nooit iets weg en verplaatst uit zichzelf nooit iets.
| Handeling | Wat er met het bestand gebeurt |
|---|---|
| Indexeren, gezichten zoeken, zoeken op beeld | niets — er wordt alleen gelezen |
| Een naam bevestigen | XMP in het bestand, én naast de foto |
| Bijschrift, tags, sterren, datum, locatie aanpassen | in het bestand |
| Bewerken en opslaan | de pixels veranderen; het origineel gaat naar de prullenbak |
| Bewerken en Opslaan als nieuw | er komt een bestand bij, het origineel blijft |
| Verwijderen | naar de prullenbak van Windows, nooit definitief |
| Slepen naar een map | verplaatst het bestand; met Ctrl erbij kopieert het |
Een tag wegschrijven mag je foto nooit stiekem opnieuw comprimeren: elke schrijfactie controleert achteraf dat de pixels ongemoeid zijn gebleven.
Namen zijn de uitzondering op "alles gaat het bestand in". Die worden geráden, en een gok schrijven we nooit ongevraagd in iemands foto. Pas als jij een voorstel bevestigt, gaat de naam mee het bestand in. Wil je in één keer alle namen alsnog in de bestanden hebben, dan is daar de knop Namen naar dit bestand schrijven voor.
Aan de slag
- Menu rechtsboven → Mappen kiezen: vink aan welke mappen meedoen. De boom begint bij je schijven, dus alles is bereikbaar.
- Meerdere bronmappen kunnen naast elkaar, bijvoorbeeld een schijf plus een externe. Een tweede bronmap wordt toegevoegd, niet vervangen.
- Het inlezen loopt op de achtergrond. Je kunt meteen werken; wat nog niet doorgekeken is komt vanzelf binnen.
- Gezichten zoeken en zoeken op beeld draaien daarna, ook op de achtergrond. De werkregels linksonder laten zien hoever ze zijn.
Bij een collectie van honderdduizenden foto’s duurt die eerste ronde uren. Dat gebeurt op de achtergrond en de app blijft ondertussen gewoon bruikbaar — je hoeft er niet naar te kijken. Elke volgende start scant alleen wat er veranderd is.
Herscannen kan per map met de rechtermuisknop in de boom (submappen gaan mee), of in één keer via het menu. Verdwenen bestanden gaan uit de index, nieuwe en gewijzigde worden opnieuw verwerkt.
Staat een schijf niet aangesloten, dan blijven die items offline staan. Ze verdwijnen niet uit de index en je werk eraan blijft bestaan.
Het drieluik
Het scherm is opgezet als een klassiek drieluik. De kolombreedtes sleep je aan de scheiding; dubbelklikken zet er een terug op zijn beginbreedte, en de breedte blijft bewaard tussen sessies.
| Waar | Wat er staat |
|---|---|
| Kopbalk | het zoekveld, de knop licht/donker/systeem, de Hulp, het menu |
| Links | Alle foto’s bovenaan als weg terug, daaronder favorieten, personen, albums en mappen — en de werkregels van het achtergrondwerk. Elke sectie klapt per kop in |
| Midden | de foto’s of de gezichten, met een balk erboven en een balk eronder |
| Rechts | Info, Gezichten, Locatie en Bewerken van wat je aanwees |
| Voetregel | wat er net gebeurde, en de turboknop als er werk te versnellen is |
Links groepeert, rechts toont. Het linkerpaneel gaat over verzamelingen — favorieten, personen, albums, mappen — en klikken filtert daar de weergave. Het rechterpaneel gaat over de éne foto die je nu bekijkt; klikken springt daar dus nooit naar een andere weergave. Een naam bij een gezicht is er tekst, geen knop. Alle foto’s van die persoon vind je links.
Klik je een map aan, dan zie je die map plus alles eronder, opgedeeld in blokken met de mapnaam erboven. Er staat bewust geen datum in die kop: de datum van een map zegt niets, want kopiëren zet hem op vandaag. De andere weergaven — alles, maand, album, favorieten, zoeken — blijven vlak, omdat mapkoppen daar dwars door je selectie heen zouden snijden.
Dubbelklikken opent de foto in de lightbox, en die vult het middenpaneel — links en rechts blijven in beeld. Het muiswiel zoomt, slepen kijkt rond, en het bijschrift bewerk je direct in het vak onder de foto.
Gezichten en personen
De app vraagt alleen naar mensen die jij zelf een naam gaf: "is dit Anna?" — nooit "wie is dit?" bij een vreemde. Dat verschil bepaalt of het werk te doen is. Een ja-of-nee-vraag over iemand die je kent kost een tik; een bak met duizenden naamloze gezichten kost een avond.
Een naam geef je op de foto zelf: open hem, tab Gezichten, en typ in het vakje onder het kader. Detectie draait op de achtergrond, maar een gezicht zonder naam blijft zonder naam tot jij er een geeft.
Zo werk je daarna één persoon door:
- Klik links op een naam. Het midden toont zijn koppen: eerst wat vaststaat, daarna de voorstellen.
- Onder een voorstel staan ✓ en ✕. In de balk boven de personen doen dezelfde tekens het voor allemaal tegelijk — met een vraag vooraf, want dat zijn er soms honderden.
- tips laat alleen de openstaande voorstellen zien, ? alleen de bevestigde koppen die weinig op de rest lijken. Met ← Alle miniaturen ben je terug.
- ⟳ zoekt opnieuw naar gezichten van deze persoon en zet alles op volgorde.
- Rechtsklik op een kop: naar een andere persoon, als portret instellen, of weghalen.
Bij een video voeg je de personen toe die erin te zien zijn, met hun portret erbij. Ze tellen mee bij die persoon: klik je links op een naam, dan staat de video in haar lijst.
Zoeken op beeld
Typ in de kopbalk. De app leest je zin en splitst hem in stukjes — een naam, een plaats, een jaar, een woord over wat er te zien is. Die stukjes staan onder het veld; klopt er een niet, dan klik je hem weg.
Zoeken op beeld werkt op wat er op de foto staat: "een tempel", "sneeuw", "zwarte hond". Er is geen lijst met categorieën die iemand moet bijhouden — elk woord werkt, ook een woord dat nooit eerder is ingetypt.
Dit vraagt eenmalig achtergrondwerk over je hele collectie, en een model van 2,3 GB dat de app zelf ophaalt via het menu. Tot dat klaar is werkt zoeken op wat er al doorgekeken is. Het model draait op je eigen machine; er gaat geen foto naar buiten.
Naast zoeken op beeld blijft alles doorzoekbaar op tag, bijschrift, bestandsnaam, plaats, map, album en jaar, met een filter op type.
Video’s doen niet mee met zoeken op beeld. Ze blijven vindbaar op naam, map, tags, personen en datum, en tellen in de rest van de app volledig mee.
Ordenen
- Eén klik kiest, dubbelklik opent. Ctrl erbij voegt toe, Shift kiest een reeks.
- Sorteren staat linksonder: op datum of op naam, nog een klik keert de volgorde om.
- De schuif rechtsonder verandert de maat van de miniaturen; Ctrl met het wiel doet hetzelfde.
- Onder het raster staan In album, Verwijderen en Collage. Ze werken op wat je aanklikte, en op alles wat er staat als je niets aanklikte.
Slepen naar een map verplaatst, Ctrl erbij kopieert — zoals in Verkenner. Het bestand verhuist dan echt. Dat gebeurt alleen als jij het doet; de app verplaatst nooit uit zichzelf.
- Alleen binnen je bronmappen. Tussen twee bronmappen mag, erbuiten niet — daar zou de foto uit je bibliotheek verdwijnen.
- Staat er al een bestand met die naam, dan vraagt de app wat er moet gebeuren: allebei bewaren, deze overslaan, of vervangen. Bij meerdere botsingen staat er een vinkje "Doe dit voor alle overige" onder.
- Vervangen gooit nooit definitief weg: het bestaande bestand gaat eerst naar de Windows-prullenbak.
- Tags, bijschrift, ster, gezichtsnamen en albums reizen mee. Een kopie krijgt alles behalve het album — dat is een verzameling die je zelf hebt samengesteld.
Albums zijn virtueel: een vrije selectie los van de mapstructuur. Een foto kan in geen, één of meer albums staan, en de bestanden blijven waar ze staan. Een album verwijderen verwijdert dus geen foto’s. Sorteren kan op datum, op naam of handmatig door te slepen. Favorieten zijn een ster per foto, en die gaat als XMP-rating het bestand in.
Tags zijn vrij en hebben autocomplete; taggen kan in bulk op een selectie. Bijschriften zijn meerregelig. De datum komt uit EXIF; ontbreekt die, dan wordt de bestandsdatum gebruikt met de markering datum onzeker — en die onzekere datum wordt bewust niet naar het bestand geschreven. Datums corrigeren kan ook in bulk, zetten of verschuiven, voor scans en een verkeerd gezette cameraklok.
Ophalen van telefoon of kaart
Onderin de linkerkolom staat Foto’s ophalen van een apparaat. Links kies je de map waar ze terechtkomen — jij wijst hem aan, Fotusa maakt nooit zelf mappen. Rechts staat wat er op het apparaat staat, als namenlijst of als miniaturen.
- Werkt met elke map op schijf: USB-stick, geheugenkaart, kaartlezer, camera.
- Er wordt niets naar het apparaat geschreven — alleen lezen en overhalen.
- Geef je het apparaat een naam, dan onthoudt Fotusa wat je al gehaald hebt. Die foto’s krijgen een teken; ze verdwijnen niet uit de lijst, zodat je ze bewust nog eens kunt halen. Eén knop selecteert alles wat je nog niet hebt.
- Die markering blijft kloppen ook als je de foto van je pc gooit of hem bewerkt onder een andere naam opslaat — de geschiedenis hangt aan het apparaat, niet aan een bestand.
- Zonder naam is het een losse overdracht: bladeren, selecteren, kopiëren, klaar.
- Staat er al een bestand met dezelfde naam, dan wordt het overgeslagen.
Dat lijstje van wat je al ophaalde staat naast je foto’s, in dezelfde reservekopie-map als je namen. Het overleeft dus een herinstallatie.
Duplicaten
Menu → Dubbele foto’s zoeken. Er komt eerst een venster dat vraagt waarin gezocht moet worden: foto’s, video’s, op grootte, op opnamedatum of op beeld. De app vergelijkt de inhoud, niet de naam.
Ook over een collectie van honderdduizenden bestanden is dat een kwestie van seconden. Het draait op een eigen pool met een voortgangsbalk, zodat de app ondertussen bruikbaar blijft.
De exemplaren staan naast elkaar in kolommen, met map, bestandsnaam, grootte en datum eronder en een knop per bestand. Klikken op de foto opent hem, zodat je kunt nakijken wat je weggooit. Rechtsklik op het exemplaar dat weg mag: alle dubbelen in die map aankruisen, of alleen die ook in de andere map van dat paar staan. Shift pakt een reeks in dezelfde kolom.
Het laatste exemplaar van een dubbele kan nooit weg — er blijft er altijd één staan. Elke verwijdering vraagt bevestiging, met een vinkje niet meer vragen deze sessie, en gaat naar de prullenbak.
Tot 64 MB is elke byte vergeleken. Daarboven worden grootte, begin en eind vergeleken; die dubbelen staan in een eigen lijst onderaan, want dat is een sterk vermoeden en geen feit.
Bewerken
Tab Bewerken in het rechterpaneel: bijsnijden, rechtzetten, draaien, belichting en contrast.
- Draaien kost geen kwaliteit en gaat meteen door.
- Bij opslaan kies je: overschrijven — het origineel gaat dan naar de prullenbak — of Opslaan als nieuw, en dan blijft het origineel staan.
- Een bewerking terugdraaien doe je met de knop ↶ in het rechterpaneel. Er is géén Ctrl + Z.
- Bewerken werkt niet op RAW-bestanden. Daar blijft de tab leeg, met één regel die zegt waarom — een tab die er staat en niets kan is erger dan een tab die er niet is.
Bij video’s zet je hoofdstukken: een markering op een moment met een titel erbij. Klik je erop, dan begint de video daar. Hoofdstukken en namen komen naast de video te staan, niet erin — één markering toevoegen zou anders betekenen dat een bestand van gigabytes opnieuw wordt weggeschreven. Wil je ze tóch in het bestand hebben, bijvoorbeeld om de film weg te geven, dan is dat een aparte handeling die je zelf kiest.
Kaart en locatie
Tab Locatie: waar de foto genomen is, met de plaatsnaam erbij. De speld zet zijn punt op de plek zelf, met de bol erboven — een rondje óp de plek verdwijnt tussen de wegen en huisblokken. Heeft een foto geen locatie, dan wijs je hem aan op de kaart of zoek je een plaatsnaam op. Geotaggen kan ook in bulk op een selectie.
Daaronder staan twee vinkjes. Ze doen elk iets anders met dezelfde kaart, en er kan er maar één tegelijk aan: een vlekkenkaart onder een cirkel is niet meer te lezen.
Alle foto’s op de kaart zet je hele collectie erop, niet als losse spelden maar als dichtheidsvlekken. De kleur zegt hoe druk het er is — blauw voor een enkele foto, dan groen, oranje en rood waar het er veel zijn — en de vlekken zijn doorschijnend, zodat buren in elkaar overlopen tot één gebied in plaats van een raster van blokjes. Een enkele foto dekt de kaart eronder dus niet af; een vakantie van drie weken kleurt wél op. In één blik zie je waar je geweest bent.
Gebied op de kaart legt er een cirkel op, en alles wat erin valt komt in het raster. Zet je het vinkje aan, dan ligt de cirkel er meteen: om de foto die je aanhebt als die een locatie heeft, anders midden op de kaart. Hij begint op een kwart van wat je ziet — een vast aantal kilometers zou uitgezoomd een stip zijn en ingezoomd buiten beeld vallen.
- Aan de rand slepen verandert de straal, het midden blijft. In het midden pakken verschuift de hele cirkel, de straal blijft. Twee handelingen met elk één gevolg.
- Het aantal foto’s loopt mee terwijl je sleept. De cirkel is het antwoord op "hoeveel", en dat hoor je te zien terwijl je hem maakt.
- Rechtsklik op de kaart: gebied hier kiezen, en ligt er al een, verplaatsen of weghalen. Er is er altijd maar één — twee cirkels zou de vraag oproepen welke van de twee telt.
- Kleiner dan honderd meter kan niet: dat is nauwkeuriger dan de GPS van een camera. Groter dan vijfhonderd kilometer ook niet, want dan is "in de buurt" geen buurt meer.
- Het vinkje uitzetten haalt de cirkel én het filter weg. Een filter zonder zichtbare cirkel is een weergave waarvan je niet meer ziet waaróm hij zo kort is.
Dezelfde kaart betekent twee dingen, afhankelijk van waar je staat. Staat er een foto groot open, dan gaat een klik over die ene foto: waar is hij genomen. Sta je in het raster, dan gaat hij over de weergave: welk gebied wil ik zien. Daarom kun je een cirkel alleen neerzetten als er geen foto openstaat.
Het wiel zoomt, en wat onder je muis ligt blijft daar liggen. De kaart tekent alleen de tegels die in beeld staan, en wacht bij het tekenen nooit op het ophalen ervan — je sleept dus door terwijl de tegels binnenkomen.
Dit is het enige dat je pc verlaat: bij het opzoeken van een plaatsnaam gaat dat woord naar buiten, nooit iets uit je foto’s. Het antwoord wordt bewaard, zodat dezelfde plek niet twee keer opgevraagd wordt.
Sneltoetsen
| Toets | Wat het doet |
|---|---|
| Dubbelklik | de foto openen |
| Pijltjes | bladeren |
| Escape | terug, of de selectie wissen |
| Ctrl + klik | erbij of eraf |
| Shift + klik | een reeks |
| Ctrl + wiel | zoomen, of bladeren — zie het vinkje onderin |
| Spatie | pauzeren in een diavoorstelling of facemovie |
| Delete | naar de prullenbak, na een bevestiging. In het gezichtenraster: naam en kader weg |
| 0 tot 5 | de ster van de open foto: 0 haalt hem weg, 1 tot 5 zetten hem. Er is één ster, geen schaal van vijf |
| Ctrl + C | het pad van de open foto kopiëren, of de map, persoon of album waarop je filtert |
| Ctrl + F | naar het zoekveld |
| Ctrl + A | alles kiezen wat er nu staat — de weergave, niet de hele collectie |
| Alt + M | het menu openen |
| Ctrl + R of F5 | opnieuw inlezen |
RAW-bestanden
RAW doet volledig mee. Je .nef, .cr2, .arw, .raf of .dng staat in het raster met een miniatuur, is doorzoekbaar op beeld, telt mee bij gezichten, en krijgt zijn namen, tags en bijschriften net als elke andere foto. Wie jarenlang verzamelt met een spiegelreflex hoeft dus geen halve collectie te archiveren.
Dat werkt zonder dat er een RAW-ontwikkelaar aan de app hangt: elk RAW-bestand draagt een volledige JPEG van de opname in zich — die heeft de camera toch al gemaakt voor het schermpje op de achterkant. Fotusa gebruikt die.
Schiet je RAW + JPEG tegelijk, dan staan er twee bestanden van dezelfde opname. Standaard zie je ze allebei: Fotusa verbergt uit zichzelf niets. In de instellingen kies je of je ze allebei wilt zien, alleen de JPEG, of alleen de RAW. Een paar zijn ze alleen als naam én map gelijk zijn.
Bij een RAW wordt er niets in het bestand geschreven — een negatief laat je met rust. Je namen, tags en bijschriften gaan naar de reservekopie naast je foto’s, precies zoals de rest van de wereld het bij RAW doet.
Grenzen
- Geen cloud, geen upload, geen account.
- Geen externe AI — alle herkenning draait op deze computer.
- Geen videobewerking, en zoeken op beeld slaat video’s over.
- Geen ongedaan maken van een verplaatsing in de app: daarvoor zijn Verkenner en de prullenbak.
Er verlaat niets van je collectie deze pc. De enige uitzondering is het opzoeken van een plaatsnaam op de kaart.
Uit een ander programma
Alles wat in je foto’s zelf staat — tags, bijschriften, sterren, datum, locatie, en namen die als XMP zijn weggeschreven — wordt bij het inlezen gewoon overgenomen. Daar hoef je niets voor te doen.
Er gaat nooit een ronde over je hele collectie heen om iets om te zetten. Dat is precies het soort operatie waarbij mensen hun werk kwijtraken.
Deze handleiding hoort bij de app zoals hij nu is en groeit met hem mee. Klopt er iets niet met wat je op je scherm ziet, of mist er iets? Laat het weten.
Contact opnemen